Instrumenten

06 september 2008

Het bestuur
Kalender
Foto's
Geschiedenis
Instrumenten
Links
Contacteer ons!

 

Op deze pagina stellen we kort onze instrumentengroepen voor:

Dwarsfluit

De dwarsfluit is een houten blaasinstrument, ook al is ze tegenwoordig meestal vervaardigd van metaal.
Vroeger werden ze van hout gemaakt, vandaar dat ze ingedeeld zijn bij de houtblazers.

De dwarsfluit wordt bespeeld door over het mondstuk heen te blazen.
Het fluitspelen is bijna hetzelfde als het blazen op een fles, je blaast de lucht niet in de fles, maar op de rand, zodat de luchtstroom in twee stromen wordt gesplitst. Een gedeelte van de lucht gaat in de buis (of fles) en een gedeelte gaat over de rand heen. Zo ontstaat de toon.
Het is het enige instrument, naast de piccolo, dat zijdelings wordt bespeeld.

Het is een holle buis voorzien van een cilindrische boring met gaten en kleppen.
In de tweede helft van de negentiende eeuw ontwierp Theobald Böhm een kleppensysteem dat ook bij de klarinet  wordt toegepast. 
Kleppen zorgen ervoor dat de gaten, die in de buis van het instrument zijn geboord, afgesloten kunnen worden. Door het indrukken of loslaten van deze kleppen, kun je op dit instrument verschillende tonen maken.

De dwarsfluit wordt in elk modern orkest gebruikt.
Het instrument heeft een warme, heldere klank.
 

Dwarsfluit

Saxofoon

Wie vond de Saxofoon uit? 
In België woonde een man, hij heette Adolphe Sax, hij vond in 1840 de saxofoon uit. 

Adolphe Sax vond 14 verschillende Saxofoon´s uit, daarvan bestaan er nu nog 8 en eigenlijk zie je er nog maar 4 van.

 

De vier soorten die je nog ziet zijn de Sopraan, de Alt, de Tenor en de Bariton, ze hebben allemaal een eigen klank, de Sopraan het hoogst en de Bariton het laagst. Je kunt de verschillende saxofoons herkennen aan de vorm:       

De Sopraan is de enige rechte Saxofoon in de familie.

sopraansaxofoon

Je kan de Alt en de Tenor uit elkaar halen door naar de hals te kijken. De Alt heeft de hals schuin omhoog staan en de Tenor heeft een slinger in de hals zitten
De Bariton heeft de hals echt helemaal in een krul zitten. 
Dus je begrijpt wel dat het leuk is om de Saxofoon´s proberen te herkennen

Klarinet

De klarinet is een houtblazer, gemaakt van Afrikaans hardhout of kunststof.
Aan de onderkant van het mondstuk zit een enkel stuk riet bevestigd d.m.v. een metalen band (de klarinet hoort bij de enkelriet-instrumenten). Om geluid uit de klarinet te krijgen moet je lucht persen tussen het riet en het mondstuk. Hierdoor breng je het riet in trilling en wordt een toon gemaakt.
Kleppen zorgen ervoor dat de gaten, die in de buis van het instrument zijn geboord, afgesloten kunnen worden. Door het indrukken of loslaten van deze kleppen, kun je op dit instrument verschillende tonen maken.
De klarinet wordt veel gebruikt in orkesten, de harmonie en binnen de jazzmuziek.
Vanuit de chalumeau, een eenvoudig volksinstrument, ontwikkelde rond 1700 Johann Denner uit Neurenberg de klarinet. De eerste klarinet had nog maar twee kleppen, maar moderne instrumenten hebben er wel zeventien.

                                 De Klarinet

Toen Mozart de klarinet voor het eerst hoorde, was hij zeer onder de indruk van de prachtige expressieve toon en de virtuositeit van het toen nog nieuwe instrument. Mozart schreef vele composities voor klarinet, waaronder het klarinetconcert KV 622 in 1791. Hierin maakte hij optimaal gebruik van de mogelijkheden van het instrument; zangerige melodieën worden afgewisseld met parelende technische hoogstandjes

Bariton

De bariton is het kleine broertje van de tuba. Hij heeft hetzelfde toonbereik als de tuba maar er is nog een belangrijk verschil.              Een veel gehoorde verklaring is dat baritons 3 ventielen hebben en tuba 4. Dat dit niet waar is blijkt uit onderstaande plaatjes. De 2 instrumenten links zijn baritons en de 2 rechts zijn tubas. Van allebei bestaat dus een exemplaar met 3 en met 4 ventielen.

        

                
Het echte verschil is dat het euphonium wijder gebouwd is dan de bariton. De buis van de bariton is cilindrisch en de buis van het euphonium conisch. Dit is te merken aan het feit dat de stembuis van de bariton op twee manieren in het instrument te schuiven is en de stembuis van een euphonium maar op een manier in het instrument past. Door deze verschillen is het geluid van de bariton wat lichter en helderder en het geluid van het euphonium voller, krachtiger en warmer. Het woord euphonium is afgeleid van de Griekse woorden ‘eu’ en ‘phone’ die ‘goed’ en ‘geluid’ betekenen. ‘Een treffende naam voor een instrument met een diepe, rijke toon.’

Trombone

De trombone is een koperen blaasinstrument. De buis van de trombone is vergeleken met de trompet langer, het mondstuk is groter en de beker is wijder. Het instrument kan daardoor lager spelen.
De verschillende tonen ontstaan door het in- en uitschuiven van de buis. Elke stand van de buis (er zijn er zeven) noemt men een positie. Het glijden van de ene naar de andere toon heet glissando.

Het geluid wordt geproduceerd door het vibreren van de lippen van de speler tegen het mondstuk. De trombone verscheen voor het eerst op het toneel in Europa in de 15e eeuw en heeft sindsdien zijn basismodel behouden.

                          

Bugel

De halfronde bugel, één van de verschillende Europese signaalhoorns, werd rond 1800 overgenomen door Duitse en Engelse infanterie-eenheden. Kort daarna werd de opgerolde vorm overal gebruikelijk. In de 19e eeuw werden verschillende afleidingen van de bugel ontwikkeld. De Kent-bugel was het eerste koperinstrument met een volledige toonladder als toonbereik door de aanwezigheid van sleutels die de vingergaten controleerden. Dit instrument was erg geliefd in orkesten totdat de bugel werd verstoten van z'n positie door de cornet. Tegenwoordig wordt de bugel nog veelvuldig gebruikt. De bugel werd alsmaar verbeterd tot de bugel die we vandaag kennen.

De klank van de bugel is kenmerkend voor de hele saxhoornfamilie. Adolf Sax ging bij het ontwerpen van deze instrumenten uit van een hoorn, maar hij maakte de buizen wijder. Zo ontstond een nieuwe instrumentengroep in de blaasmuziek : het zacht koper.

Evenals de trompet beschikt de bugel over een ketelvormig mondstuk maar met een zeer diepe cup. Tegenwoordig komen meestal Bb-bugels voor maar eveneens de Eb-versie wordt gebruikt. De klank van een bugel is zacht in feite een beetje week.

                                                               

Trompet

De trompet is één van de hoogstklinkende koperen blaasinstrumenten met een heldere toon. Door het indrukken of loslaten van ventielen, kun je op dit instrument tonen maken.  Deze ventielen zorgen ervoor dat de buis van het instrument verkort (hogere tonen) en verlengd (lagere tonen) kan worden. Het geluid van de trompet wordt geproduceerd door het vibreren van de lippen tegen het komvormige mondstuk. De ontwikkeling van de moderne trompet gaat terug over duizenden jaren. Vrijwel alle beschavingen hebben trompetten geproduceerd, gemaakt van ivoor, brons, zilver en  koper, de vorm recht of  gebogen. Deze natuurtrompetten konden maar weinig verschillende tonen voortbrengen.

Pas aan het begin van de 19e eeuw wordt de ventieltrompet uitgevonden.  Daardoor is het aantal tonen die de trompet kan voortbrengen aanzienlijk uitgebreid. De trompet wordt dan een volwaardig melodie-instrument.

                                     Trompet

 Hoe werkt een ventiel bij de trompet?

Als het ventiel in rustpositie is, passeert de lucht direct door de hoofdbuis (1). Bij het neerdrukken van een ventiel wordt de lucht omgeleid door een toegevoegd stuk buis, waardoor de lengte van de luchtkolom groter wordt (2).

De meeste ventieltrompetten hebben 3 ventielen, die elk op zichzelf of in elke combinatie kunnen worden ingedrukt waardoor de grondtoon van het instrument wordt verlaagd
.
Het gebruik van deze ventielen stelt de speler in staat om alle noten van de toonladder te produceren. 

 

Hoorn

De hoorn is een koperen blaasinstrument waarvan de buis is opgerold in de vorm van een cirkel.  De voorlopers van de moderne hoorn zijn de posthoorn en de jachthoorn, deze instrumenten hadden geen ventielen. De hoorn die wij nu kennen is er één met ventielen en wordt in feite de Franse hoorn genoemd. Hoorns zijn in Europa bekend sedert de Oudheid.  Vanaf de 18e eeuw werd de hoorn gebruikt in orkesten en in de 19e eeuw kreeg de hoorn ventielen. Het geluid wordt geproduceerd door het vibreren van de lippen tegen het mondstuk. Door het indrukken of loslaten van de ventielen kun je op dit instrument verschillende tonen maken.  De toonomvang omvat 3 ½ octaaf.

                                                              Hoorn

 

Het bestuur | Kalender | Foto's | Geschiedenis | Instrumenten | Links | Contacteer ons!

Deze site is voor het laatst bijgewerkt op 03 september 2008